RAL Design System plus — kleurtoon 240
Daaruit volgt waar u deze kleurtoon aantreft. Signalering, huisstijlen, machinebouw en alles wat in wisselende context moet blijven werken, zoekt een blauw zonder richting: een blauw met groene kant vraagt om koele buren, een blauw met violette kant om warme. Een nuance uit 240 stelt die eis niet en laat zich naast grijs, wit, staal en hout gebruiken zonder dat er spanning ontstaat. In de gebouwde omgeving is het bovendien het gebied waar het geschilderde blauw van deuren, hekwerk en installatietechniek altijd heeft gelegen.
De namen in deze kleurtoon laten die neutraliteit zien: RAL Design 240 50 10 heet Tool blue, RAL Design 240 60 05 Carrier pigeon blue. Dit zijn geen decoratieve kleuren maar gebruikskleuren.
Deze kleurtoon telt 51 nuances, van L\* 20 tot L\* 90 en van C\* 05 tot C\* 40. Bijzonder is niet het aantal maar de spreiding: op één en dezelfde lichtheid staan hier nuances over vrijwel de hele verzadigingsbreedte. RAL Design 240 60 05 Carrier pigeon blue en RAL Design 240 60 40 Clear blue hebben dezelfde lichtheid en een nagenoeg gelijke lichtreflectiewaarde, rond 31, maar de eerste is een blauwgrijs en de tweede een uitgesproken blauw.
Alle 51 kleuren in deze groep
Meer over kleurtoon 240
Dat is in de praktijk de meest bruikbare eigenschap van 240. U kunt de intensiteit van een kleurplan variëren zonder het gewicht te veranderen — twee vlakken die even zwaar aanvoelen maar sterk verschillen in levendigheid. In kleurtonen met een dunner bezet veld, zoals 250 of 270, kan dat niet en moet u lichtheid inleveren om verzadiging te winnen.
Op de gewichtsschaal doet blauw wat licht en donker voorschrijven: lichtheid bepaalt het gevoelsgewicht bijna volledig, met de kleurtoon als lichte modulatie waarbij blauwviolet het lichtst voelt. RAL Design 240 20 22 Rich blue, met een lichtreflectiewaarde van 6,1, weegt dus zwaar — maar minder zwaar dan een even donker geelgroen.
De praktische gevolgtrekking is een volgorde. Kies eerst de lichtheid, want die bepaalt gewicht, contrast en lichtreflectiewaarde. Kies dan de verzadiging, want die bepaalt of het vlak levendig of gedempt oogt. De kleurtoon heeft u dan al vast — en juist daarin is 240 makkelijker dan de kleurtonen met een richting.
Blauw houdt buiten beter stand dan rood, maar niet zonder voorbehoud. De moderne blauwpigmenten in dit gebied zijn uitstekend lichtecht; wat wel verandert, is het bindmiddel. Wordt het oppervlak krijtig, dan strooit het licht diffuus en wordt blauw zichtbaar lichter en grauwer, terwijl de meting onder het oppervlak nog klopt. Bij bijwerken van bestaand blauw werk krijgt u daardoor bijna altijd een zichtbare naad: de verse laag staat er voller op.
Werk in dat geval nooit vlakdelen bij, maar tot de eerste logische begrenzing — een naad, een kozijnrand, een dilatatie. Dat is bij donker blauw belangrijker dan bij licht blauw, omdat het verschil met de verweerde laag daar groter is.
Bij aansluiting op bestaand werk meet u de huidige toestand en zoekt u daar de dichtstbijzijnde nuance bij; vergelijken met de oorspronkelijke code leidt bij verweerd blauw vrijwel altijd mis. Voor goedkeuring gebruikt u de A4-kleurstalen als kleurstandaard, op groter formaat dan een waaierstaal, en bij het licht van de eindsituatie.
Technische gegevens
Kleurtoon: 240 · Nuances: 51 · Lichtheid: L\* 20–90 · Verzadiging: C\* 05–40 · Lab-waarden: per nuance op de kleurpagina · LRV: 6,1 tot 78,0 · Opgenomen in: RAL D4 A4-kleurstalen (kleurstandaard), RAL D2 waaier, RAL D3 kleurenboek, RAL D4 atlas, RAL D6 en D8 boxen
Aangrenzende kleurtonen
RAL Design 230, RAL Design 250
Klik op een kleur voor de beschikbare formaten, of bekijk het complete productaanbod in de shop.
